Hoe Nederlandse jongeren van 18 tot 25 jaar online casino’s gebruiken — en hoe het gedrag is veranderd

De Nederlandse online gokmarkt van 2026 ziet er heel anders uit dan vijf jaar geleden. Voor jongvolwassenen tussen 18 en 24 jaar is online gokken inmiddels

De Nederlandse online gokmarkt van 2026 ziet er heel anders uit dan vijf jaar geleden. Voor jongvolwassenen tussen 18 en 24 jaar is online gokken inmiddels geen obscure activiteit meer die zich grotendeels buiten het zicht van de toezichthouder afspeelt. Sinds de gereguleerde online markt op 1 oktober 2021 werd geopend, kunnen Nederlanders terecht bij aanbieders met een vergunning van de Kansspelautoriteit (Ksa). Vergunde aanbieders moeten onder meer spelers controleren via Cruks; aanbieders zonder Nederlandse vergunning vallen buiten dat gereguleerde stelsel. Wie het verschil tussen beide markten wil begrijpen, ziet bijvoorbeeld dat stadtgame.com toont casinos zonder Cruks, een term die doorgaans wordt gebruikt voor buitenlandse aanbieders die niet op het Nederlandse Cruks-systeem zijn aangesloten.

Juist jongvolwassenen nemen binnen die markt een opvallende positie in. Zij vertegenwoordigen een relatief klein deel van de volwassen bevolking, maar zijn bovengemiddeld aanwezig op online gokplatforms. Tegelijkertijd verliezen zij gemiddeld minder per account dan oudere spelers. Dat maakt hun gedrag interessant: de trend draait niet simpelweg om “meer gokken”, maar vooral om een andere manier van deelnemen.

Jongvolwassenen zijn sterk vertegenwoordigd online

De meest recente cijfers van de Kansspelautoriteit laten zien dat jongvolwassenen tussen 18 en 24 jaar in de tweede helft van 2025 verantwoordelijk waren voor 22% van de gebruikte spelersaccounts, terwijl zij slechts ongeveer 9,3% van de volwassen Nederlandse bevolking vormen.

Dat aandeel is al enkele jaren opvallend stabiel. In de tweede helft van 2023 ging eveneens ongeveer 22% van de gebruikte accounts naar jongvolwassenen. In de eerste helft van 2025 lag het aandeel op 23%.

Het is belangrijk om daarbij “accounts” niet automatisch gelijk te stellen aan individuele spelers. Eén persoon kan accounts bij meerdere aanbieders hebben. Toch geeft het cijfer een duidelijk signaal: 18- tot 24-jarigen zijn veel actiever aanwezig op online gokplatforms dan hun aandeel in de bevolking zou doen vermoeden.

Ook breder onderzoek wijst in dezelfde richting. Volgens het Trimbos-instituut heeft 61% van de 18- tot 24-jarigen tussen maart 2024 en maart 2025 aan ten minste één vorm van gokken meegedaan. Wanneer loterijen buiten beschouwing worden gelaten, blijft 45% over.

Minder verlies per account dan oudere spelers

Een opvallend verschil met oudere gokkers zit in het bedrag dat jongvolwassenen verliezen.

In de tweede helft van 2025 verloren jonge spelers gemiddeld €34 per maand per gebruikt account. Bij spelers van 24 jaar en ouder lag dat op ongeveer €73 per maand.

Begin 2025 lag het gemiddelde verlies onder jongvolwassenen nog op €37 per account per maand, terwijl in de tweede helft van 2024 €48 werd geregistreerd.

Er is dus een duidelijke daling zichtbaar ten opzichte van 2024.

Dat betekent niet automatisch dat het risico gering is. Jongvolwassenen beschikken gemiddeld over minder inkomen en vermogen dan oudere volwassenen. Een verlies van enkele tientallen euro’s kan daardoor relatief zwaarder wegen. De toezichthouder behandelt deze leeftijdsgroep daarom expliciet als een kwetsbare doelgroep.

Sportweddenschappen blijven relatief belangrijk

Jonge spelers gebruiken online gokplatforms bovendien anders dan oudere generaties.

De Ksa constateert consequent dat jongvolwassenen relatief vaker op sportwedstrijden gokken. In de tweede helft van 2024 ging ongeveer 29% van hun gokuitgaven naar sportweddenschappen, tegenover 22% onder oudere spelers.

Dat verschil past goed bij de manier waarop online gokken zich onder jongere consumenten heeft ontwikkeld. Sport, smartphones en digitaal entertainment lopen steeds meer door elkaar. Een voetbalwedstrijd volgen en tegelijkertijd via een app een weddenschap plaatsen vraagt nauwelijks nog een aparte handeling.

Toch is het beeld genuanceerder dan simpelweg “jongeren beginnen met wedden op voetbal”. Nieuw onderzoek van de Ksa uit 2026 suggereert juist dat veel jongvolwassenen hun eerste online gokervaring tegenwoordig met casinospellenbeginnen. Onder nieuwe accounts van 18- tot 24-jarigen is bovendien 41% geregistreerd door een 18-jarige.

Dat wijst erop dat digitale casinospellen inmiddels een zelfstandige toegangspoort tot de gokmarkt zijn geworden.

De grote breuklijn: oktober 2021

De belangrijkste verandering ten opzichte van het verleden vond plaats in oktober 2021.

Voor die datum bestond er wel degelijk online gokken in Nederland, maar Nederlandse aanbieders konden daarvoor nog geen reguliere Ksa-vergunning krijgen. Vanaf 1 oktober 2021 werd een formeel gereguleerde markt geopend. De eerste tien bedrijven kregen toestemming om legaal online casinospellen en weddenschappen aan te bieden.

De impact daarvan was groot.

Uit WODC-onderzoek uit 2024 bleek dat 70% van de online spelers pas na oktober 2021 voor het eerst online was gaan gokken. Een directe historische vergelijking is volgens de onderzoekers niet volledig betrouwbaar, maar het cijfer laat wel zien hoe sterk de markt na de legalisering is veranderd.

Voor jongvolwassenen betekent dit dat bijna hun volledige volwassen leven zich afspeelt in een omgeving waarin legaal online gokken normaal beschikbaar is.

Een 23-jarige in 2026 was immers pas ongeveer 18 jaar toen de gereguleerde markt werd geopend.

Van massareclame naar strengere bescherming

Ook de marketingomgeving is ingrijpend veranderd.

Direct na de opening van de markt nam gokreclame sterk toe. De Ksa constateerde in 2022 veel reclame-uitingen en een verschuiving richting internetmarketing en sponsoring.

Daarna volgden steeds strengere beperkingen.

Sinds juli 2023 geldt een verbod op ongerichte reclame voor online kansspelen. Bovendien mogen bonussen en promoties niet specifiek worden gericht op jongvolwassenen tussen 18 en 24 jaar.

Daarmee verschilt de huidige situatie sterk van de eerste periode na legalisering. Jongeren worden nog steeds geconfronteerd met gokmerken en online content, maar gereguleerde aanbieders hebben veel minder vrijheid om deze groep rechtstreeks commercieel te benaderen.

Stortingslimieten veranderen het speelgedrag

Sinds oktober 2024 zijn bovendien nieuwe regels voor verantwoord spelen van kracht.

Voor spelers van 18 tot 24 jaar geldt een netto stortingsgrens van €300 per kalendermaand. Wanneer iemand daarboven wil uitkomen, moet de aanbieder verdere stortingen blokkeren en eerst onderzoeken of de speler hogere bedragen financieel kan dragen. Voor oudere spelers ligt deze grens op €700.

Dat soort maatregelen lijkt ook terug te komen in de cijfers.

Het gemiddelde verlies onder jonge spelers daalde van €48 per maand per account in de tweede helft van 2024 naar €37 in de eerste helft van 2025 en uiteindelijk €34 in de tweede helft van 2025. Een directe oorzaak-gevolgrelatie kan op basis van deze cijfers alleen niet definitief worden vastgesteld, maar de daling valt wel samen met de strengere beschermingsmaatregelen.

Mobiel en direct toegankelijk in plaats van een avondje casino

De grootste culturele verandering is misschien minder zichtbaar in statistieken.

Voor eerdere generaties betekende gokken vaak een fysiek moment: naar een casino, speelhal of wedkantoor gaan. Voor iemand van twintig in 2026 kan dezelfde activiteit plaatsvinden op de bank, in de trein of tijdens het kijken naar een voetbalwedstrijd.

Het online casino is daarmee niet langer noodzakelijk een “bestemming”. Het is een digitale dienst die naast streaming, gaming, sociale media en andere apps op dezelfde smartphone staat.

Dat verlaagt de praktische drempel om te spelen, maar maakt controlemaatregelen tegelijkertijd belangrijker. Waar een fysieke locatie vanzelf grenzen oplegt, is een online platform theoretisch altijd bereikbaar.

Jong betekent niet automatisch probleemgokker

Het zou verkeerd zijn om de hoge online deelname onder jongvolwassenen automatisch gelijk te stellen aan gokverslaving.

De meeste spelers ontwikkelen geen ernstig gokprobleem. Toch laat WODC-onderzoek zien dat het risicoprofiel onder jongeren hoger ligt. In de groep 18- tot 24-jarige gokkers werd in 2024 6% als hoog-risico-gokker geclassificeerd. Onder 35- tot 49-jarigen was dat 2% en onder 50-plussers 1%.

Dat verklaart waarom beleidsmakers zoveel aandacht besteden aan deze leeftijdsgroep, ook wanneer het gemiddelde bedrag dat jongeren verliezen relatief laag lijkt.

Van verborgen markt naar alledaags digitaal product

De belangrijkste trend van de afgelopen vijf jaar is uiteindelijk niet alleen financieel.

Online gokken is voor jonge Nederlanders van iets dat grotendeels buiten de formele Nederlandse markt plaatsvond veranderd in een gereguleerd digitaal consumentenproduct dat bereikbaar is vanaf dezelfde smartphone waarop zij video’s kijken, muziek luisteren, gamen en sport volgen.

Jongvolwassenen hebben relatief veel accounts, verliezen gemiddeld minder per account dan oudere spelers en tonen bovengemiddelde interesse in sportweddenschappen. Tegelijkertijd verschuift de eerste kennismaking volgens recent onderzoek steeds vaker richting online casinospellen.

De paradox van de Nederlandse markt is daarmee duidelijk: online gokken is normaler en toegankelijker geworden, terwijl de regels voor juist deze jonge doelgroep steeds strenger zijn geworden.

Dat spanningsveld — tussen digitale toegankelijkheid en steeds sterkere spelersbescherming — zal waarschijnlijk bepalend blijven voor hoe Nederlandse 18- tot 24-jarigen online casino’s de komende jaren gebruiken.

Deel dit artikel: